Scrol om te ontdekken  

[2019-03-08] Black Priors Riposte Journal News - IMG 05

DE DAGBOEKEN VAN HEIDEVENEN

14-03-2019 09:00

Ridders, Vikingen, samoerai. Jullie acties in de factieoorlog hebben de wereld van For Honor vormgegeven.

Het is nu tijd om de grootste gevechten uit de factieoorlog opnieuw te bekijken door de lens van de vele helden die erin gevochten hebben.

Ontdek hoe je beslissingen uit het verleden geschiedenis hebben geschreven in de Heidevenen.

GEBEURTENISSEN FACTIEOORLOG

Tijdens seizoen 5, hoofdstuk 3 van For Honors factieoorlog, gebeurde er iets zeldzaams. De ridders domineerden het gebied Eitrivatnen compleet. Het was een buitengewone prestatie op het slagveld. De eerste aflevering van de Dagboeken van Heidevenen beschrijft de gevechten 26-27 en onthult de krachten die de ridderfactie naar de overweldigende overwinning duwden.

TEGENSTOOT VAN DE ZWARTE PRIOR
DAGEN 49-52 CMXV-AL

... Ik probeerde om weg te rennen, maar ik was te bang... Die duistere ridder leek op de Dood, doordrenkt met bloed... Ik zag hoe hij de commandant greep, iets in zijn oor fluisterde en toen... duwde hij de commandant gewoon op een spies!

Het was een nachtmerrie, ik zeg het je. Een nachtmerrie waarvan wij ridders nooit zouden ontwaken...
Van een onbekende soldaat van Eitrivatnen.

ONGENODE PECH

Terwijl zijn drakars over de soepele getijden van het Eitrivatnenmeer gleden, keek jarl Jafnhar naar de bloedrode lucht boven de horizon. Na weken aan oorlog was er overal vuur en dood, en hing een dikke rode gloed over het landschap. De jarl hield zich daar niet mee bezig. Hij zeilde verder, een en al zelfvertrouwen en trots. In een maand tijd had hij de Vikingen naar de overwinning geleid in de Slag om de barrière van Ilkarya's, de Schildwachten van de Leeuwenwoestenij vernietigd, en werd hij de 'Bottenverpletteraar', de eerste Highlander-jarl in de geschiedenis van de Vikingen.

Het vermorzelen van de ridders van Eitrivatnen zou kinderspel moeten zijn. De versterkte haven was geïsoleerd en had niet genoeg voorraden om iedereen te eten te geven. Het was niet langer een veilige plek voor de ridderlegioenen die er naartoe waren gevlucht. Het was nu een plek vol dood, die maar een kleine vonk nodig had om te ontploffen.

Jafnhar wist dat hij zo'n vonk kon zijn, maar hij werd verrast door een luide knal. Barricades onder water, geplaatst door Badefol, commandant van de ridders van Eitrivatnen, hadden een aantal van zijn schepen verwoest. Maar de ridders zouden meer nodig hebben dan wat houten palen om de Bottenverpletteraar tegen te houden. De trireem van de jarl had al veel erger overleefd, van de hevigste winden in Njord tot de gemeenste golven van de goddelijke Aegir.

Jafnhar bereikte de kust en reet de verdediging van de ridders snel uiteen. Met zijn krijgers ging hij naar Eitrivatnens barrakken en vocht hij met commandant Badefol. Na een gemakkelijk gevecht tegen de gewonde ridder, gooide Jafnhar Badefol op de grond en trok hij zijn machtige zwaard Caladbolg. Op dat moment klonk een sinistere stem vanuit de schaduw: "Mala Ultro Adsunt."

De jarl voelde rillingen over zijn hele lichaam. Vortiger, hier? Onmogelijk! Hun laatste gevecht was al bijna tien jaar geleden, maar Jafnhar voelde nog steeds de pijn van het zwaard van de Zwarte Prior in zijn dij. Met een lust voor wraak draaide de Highlander weg van Balefor om Vortiger te confronteren.

Hun zwaarden troffen elkaar met een luide knal. Het gevecht leek wel uren te duren, totdat de Zwarte Prior voor het eerst zijn balans verloor. Dit was de opening die de Bottenverpletteraar nodig had om zijn tegenstander te verslaan. Hij ramde met zijn zwaard om Vortigers verdediging te breken, maar de man bleef fier staan achter zijn gigantische schild. Hoe kon dit? Niemand had ooit de machtige slag van Caladbolg overleefd! Woedend rende de jarl op de Zwarte Prior af, maar plotseling voelde hij een immense pijn in zijn borst. Vortigers slagzwaard verbrijzelde zijn sleutelbeen. Het werd zwart voor zijn ogen en de Highlander zag niks meer...

Alles viel stil. De Zwarte Prior hief zijn schild omhoog en stuurde de Bottenverpletteraar naar Walhalla.

DE DUISTERNIS GROEIT

Ondanks het verlies van Jafnhar, accepteerden de ridders Vortiger niet als hun nieuwe leider. Vele legioenen in het Asveld droegen nog steeds de littekens van de Zwarte Priors onder leiding van Apollyon, en ze wilden dat Vortiger terecht zou staan voor de Handhavers.

De man werd vastgezet in een duistere cel met de jonge dief Aguri. De dief keek vluchtig naar Vortiger en smeekte de goden om hulp. Ze was geen vechter, maar ze wist alles over de Zwarte Priors, de wetteloze ridders die de 'echte wolven' wilden oproepen voor de Zwartstenen. Ze werd alleen maar banger toen ze zag hoe een vreemde havik naar het raam van hun cel vloog. De Zwarte Prior sprak in het Latijn tegen de vogel.

Daarna deed Vortiger zijn armbeschermers om, en ze zag iets ongelooflijks in zijn ogen. De absolute afwezigheid van angst.

Plotseling begonnen de muren van hun cel af te brokkelen. Aguri zat bibberend in een hoek en hoorde de angstkreten van de verzwakte krijgers van Eitrivatnen. Hun leider was op het slagveld, en Daimon, de samoerai-daimyo van Westburcht, viel op dat moment de haven aan met zijn grote leger. Vortiger greep zijn zilveren zwaard en schild en stapte in de rode gloed, terwijl boven zijn hoofd de explosies tekeer gingen.

De jonge dief kon alleen maar staren. Ze wist waarom Vortiger geen angst had: hij was zelf de angst.

Een grote groep haviken verduisterde ineens de rode lucht. Meer Zwarte Priors onthulden zichzelf in de menigte en slachtten alle samoerai af. Na meer dan tien jaar stilte wonnen de Zwarte Priors van Vortiger de Slag om Eitrivatnen voor de ridders. Ze zegenden de muren van hun nieuwe thuis met het bloed van hun vele slachtoffers.

EEN LIJDENSWEG

Commandant Badefol van de ridders had Eitrivatnen achtergelaten in de handen van zijn beste luitenants, terwijl hij jacht maakte op Jafnhars volgers in de Leeuwenwoestenij. Hij had niet verwacht dat de samoerai zijn haven zo snel zouden aanvallen. Hij had beter moeten weten. Was het immers niet Daimon 'de Schatzoeker' die altijd wachtte op makkelijke overwinningen in verzwakte gebieden?

Diep in zijn hart wist hij dat de samoerai Eitrivatnen overwonnen zouden hebben als de Zwarte Priors er niet waren geweest. Hoe hard Badefol ook probeerde om Vortiger en zijn ridders in toom te houden, de goden beslisten anders. Maar hij wilde op den duur nog steeds de Handhavers inschakelen om deze wolven te berechten.

Badefol vocht in de uitgestrekte velden van Westburcht en hoopte op een snelle overwinning op de samoerai. Maar Daimon had een laatste troef in handen...een geheim bondgenootschap met de Vikingen. De commandant zag hoe de Vikingen aanvielen en wist dat het einde nabij was. Zelfs met de Zwarte Priors aan hun kant, konden ze niet lang overleven tegen een groot leger, laat staan twee.

Het zou de laatste keer zijn dat Badefol de Zwarte Priors onderschatte. Een grote groep haviken verscheen aan de stoffige horizon en de commandant van de ridders zag hoe ballista's en katapulten met banieren van de Zwarte Priors door het land denderden. Eerst werd Badefol gevuld met hoop, maar toen de machines dichterbij kwamen, maakte die hoop plaats voor walging.

Aan deze draaiende machines zaten honderden lijken vastgenageld; Vikingen, samoerai...dode lichamen van de slagvelden, maar het waren niet alleen vijanden. Zelfs ridders waren gekneveld. Badefols makkers waren uitgerekt en zagen eruit als groteske, bloederige poppen op de oorlogsmachines.

Zowel de samoerai als de Vikingen bevroren van angst. Niemand had hun doden ooit op zo'n gruwelijke manier ontheiligd. Vortiger en de Zwarte Priors wisten alles over psychologische oorlogsvoering en gebruikten de shock van hun vijanden in hun voordeel. Ze stormden met felle precisie door de rode mist en overwonnen al hun tegenstanders.

Maar Badefol was nog niet klaar met Vortiger, de man die hun doden had ontheiligd. Hij staarde naar de demoon en trok zijn zwaard. Vergeet de Handhavers, dit beest was voor Badefol. Maar het mocht niet zo zijn. Vortiger ontwapende de commandant, stak hem door zijn hart en fluisterde de laatste woorden die Badefol ooit zou horen in zijn oor.

EPILOOG

De versterkingen uit de Vesting van Beaufort kwamen te laat. De Zwarte Priors hadden alle gebieden rond Eitrivatnen al heroverd. Na een belegering van een maand hadden de ridders Eitrivatnen nooit verloren.

Rhoswen de Schildwacht was de eerste die aankwam in de haven. Daar zag ze de horror die het was geworden. Niet alleen Badefol, maar honderden ridders, samoerai en Vikingen waren gespietst, uiteengereten of opgehangen als walgelijke vogelverschrikkers.

"Ze zullen ons vrezen en wij ridders zullen heersen", fluisterde de Zwarte Prior terwijl hij achter Rhoswen opdook. De Schildwacht antwoordde niet. Ze wist dat de duisternis al te diep in de harten van deze ridders zat...

Wil je reageren op dit artikel?

Praat mee op de officiële Ubisoft-forums van For Honor.

Nu lid worden